Categorie archief: 90’s

Alle berichten over de jaren ’90

Het echte werk was toch in de 90’s : Toni Di Bart

Een muzikale hype heeft vaak een korte levensduur, vooral hedendaags.  Plots is het er en niet het publiek, maar de artiest is in de meeste gevallen het meest verrast. Daarom hoor je van zo’n overrompelde artiest daarna al snel niets meer. Want overuigd van de juiste formule, herhaalt hij tevergeefs nog eens het kunstje. Zo blijft hij drijven op die ene hit, waardoor het wel wat Ben Cramer krijgt. Koning voor een dag, levenslang ‘De clown’ zingen. Of in het geval van Toni Di Bart, ‘The real thing’.  Toni di wie?’

Avondje stappen leidt tot wereldhit

Toni Di Bart. Ok, even een rewind. Het is mei 1994 en Toni staat aan kop in de Britse hitlijsten. Wacht, dat is een half jaar te ver. Even terugspoelen en we dan vinden Antonio Carmine Di Bartolomeo , een loodgieter, sleutelend aan zijn nieuwste track in een zelfgebouwde studio boven zijn winkeltje Cameo Bathrooms.

Neh, het is hem nog net niet en hij besluit ter inspiratie een avondje te gaan stappen.Daar ontmoet hij in een club het stel Andy Blissit en Lucinda Drayton die als componisten voor anderen zijn begonnen. Dat verandert alles. Zo wordt Antonio die avond Tony, maar met name de track zelf verandert drastisch. De naamloze track wordt door de drie gauw uitgebouwd met nieuwe beats en vocals tot ‘The real thing’.

Slowstarter

De nieuwe plaat wordt best snel opgepikt door diverse clubs in de omgeving, maar pas na een half jaar bereikt de plaat de grote Britse radiostations.Een klassieke slowstarter, maar dan gaat het hard. De plaat breekt na de UK ook internationaal door omdat in de 90’s een nummer 1 in Engeland nog  alle deuren opent. Ook voor  Lucinda en Andy. Zij vestigen zich definitief als componisten en krijgen naast Tony ook een platendeal.

Tony’s zusje verandert het verhaal

Op een avond, als Andy en Tony op weg zijn naar weer een optreden, besluiten ze nog even lang Tony’s zus te gaan. Dat heeft grote gevolgen voor de muzikale richting van met name Andy.  Want de zus van Toni vertelt enthousiast over haar nieuwe passie en zo steekt zij Andy met het Raya Yoga Meditatie programma aan. Flip da script, dat verandert alles. Met name Andy’s en Lucinda’s muziekrichting. Ze besluiten zich op meditatie te richten met het album ‘Suicide Angel’.

Toni Di Ben

Meer muzikale suïcide, want binnen een jaar zijn ze hun platendeal en manager kwijt. Dat  boeit het duo totaal niet. Ze starten het label Blissful Records en daaruit ontstaat de band Bliss.  Deze groep blijft net zo lang als hun huwelijk bestaan, namelijk 2007. Daarna gaan Linday en Andy  ieder hun eigen weg met ieder hun eigen site.

Maar waar is Tony gebleven in dit verhaal? Oh, die probeert zijn enorme hit natuurlijk te toppen. Zijn andere releases als ‘Do it’ worden, ondanks wederom inbreng van Andy en Lucinda, een aanzienlijk minder succes. Dan maar een album, maar die promotie komt net iets te laat . Tony is al de Ben Cramer uit de 90’s.  Ach, dan nog tig keer die ene grote hit remixen. Helaas, er valt niets meer bij te sturen. De ‘Real thing’ hebben we twintig jaar geleden al gehoord.

Korte ruimtevlucht naar het sterrendom: Babylon Zoo

In de 70’s heb je een scetch van Monty Phyton. Een kaper van een vliegtuig met bestemming Cuba, wil graag naar Luton. Hij wordt boven Engeland gedropt, pakt de bus naar Luton, maar deze bus wordt weer gekaapt door iemand die naar Cuba wil. Geen timeloop natuurlijk, maar in de sketch is het ook een vorm van rondjes draaien, het begin is meteen het einde. In de muziekwereld kom je dat  ook tegen, neem  in de jaren ’90  ‘Spaceman’ van Babylon Zoo.

Promotie zoekt promotie

En juist dat begin en einde van de plaat is de trigger van het succes, dat ruim twintig jaar geleden begint als de plaat juist niet door Radio 1 van de BBC  maar wel door een stel reclamemakers wordt opgepakt. Het wordt daarmee verrassend toch de snelst verkochte plaat in decennia in de UK. Dat vooral omdat veel mensen benieuwd zijn naar het resterende gedeelte van de plaat.

Goed, zo helpt men elkaar. Want we hebben het over de 90’s, het is de tijd dat Levi’s vrijwel altijd succesvol een -tweetjes met de muziekwereld doet met haar reclames. En laat nou net het opgestarte project Babylon Zoo ook die promotie hard nodig hebben.  Zeker na al die moeite die Jas Mann al heeft moeten doen,  de man met de ‘the X-Ray Eyes’. Het is zijn belangrijkste handelsmerk als uitgangsbord van deze aan de weg timmerende band.

Nieuwe Jas

Hoewel band? Ondanks dat de de act zo wordt voorgesteld, wordt het latere debuutalbum opgenomen in de studio van Jas, schrijft hij de nummers, speelt hij vele instrumenten zelf en doet ook de geluidseffecten  zelf met onder andere een speelgoedmicrofoon. Laten we het maar gewoon houden op de volgende vergelijking, Babylon Zoo = Jas Mann.

En die Jas moet namelijk alles opnieuw doen. Letterlijk alles. Dat komt door Clive Black. Als de ontdekker van Jas overstapt naar een andere platenmaatschappij, staat hij erop dat Jas en zijn werk ook meegaan. Het gevolg is dat al het opgenomen materiaal, inclusief ‘Spaceman’ moet worden vernietigd en opnieuw moet worden opgenomen vanwege de rechten.

Levi’s vindt inspiratie

Een hele klus en alles wordt weggewerkt, op een singletje na. Op een lokaal stationnetje in Manchester hebben ze nog die oude, obscure promo-single en die blijven ze draaien.  Ondanks dat het  een vreemd nummer blijft, is dat nou die trigger. Want ook de reclameafdeling van Levi’s luistert mee. In het nummer zien ze de benodigde soundtrack voor de nieuwe campagne.

Goed, alleen het begin en einde van de plaat is interessant, maar dat is toch ook promotie?  Het is een  marketing-trucje uit het boekje, want benieuwd naar het midden van de plaat, ontstaat er later een hype om het nummer. De plaat verkoopt daarom alleen al 418.000 exemplaren in zijn eerste week van release in de UK.  In die tijd een recordverkoop. Yes, man, zal Jas Mann op dat moment denken.

Deze keer nul promotie

Dat gaat lekker, dat moet het begin zijn  van een glansrijke carrière. Nee, dat valt erg tegen. Na het vertrek van Clive en daarna problemen met de nieuwe leiding, komt er nog wel een tweede album. Alleen gaat dat iedereen volledig voorbij. Want nu zijn er geen reclamemakers die een muziekje nodig hebben en  de band  Jas, maakt nul promotie.

Dat is voor een act dat alles aan promotie te danken heeft, natuurlijk een enkeltje vergetelheid. En nu? Als CEO van mediabedrijf Indomina Group, roept hij al jaren dat er wel  eens een nieuw album uit komt,  Ideetje had hij al eerder, ‘Cold Clockwork Doll’, met de releasedatum:ooit.  Wanneer, dat staat in de sterren geschreven. Of in een nieuw platencontract.

Het begint en eindigt met een film: Partners in Kryme

Zo eind  80’s zat in het beperkte kabelpakket ook Super Channel. Lang vergeten iconen, als Nini Firetto en Amanda Reddington, presenteerden daar programma’s voor het onderdeel Music Box, nog doorgegaan tot januari 1990.  Goh, dan kan ik een van de meest obscure eendagsvliegen uit het eerste jaar van de 90’s, Partners in Kryme, dus nooit voor het eerst op deze zender hebben gezien. Waar dan wel? Zal Sky Channel wel zijn geweest.

Dankzij de Teenage Mutant Ninja Turtles

Whatever, Partners in Kryme breekt (ondanks de titel ‘Turtle power’ anders doet vermoeden),  heel snel door met een succesvolle soundtrack, staat wekenlang in Engeland op 1 en verdwijnt ook weer heel snel na een andere, geflopte soundtrack. In een interview met het blog van Werner Von Wallenrod, gaat Golden Voice ( Richard Usher) van het duo in op hoe ze nou op de soundtrack van Teenage Mutant Ninja Turtles terecht zijn gekomen. In een lang verhaal van veel via via krijgen ze een contract bij SBK, een kleine platenmaatschappij dat eind 80’s als label van EMI start.

Tekstfoutje, bedankt

Na een telefoontje van SBK, wordt de plaat in een weekend in elkaar geknutseld. Op basis van een kleine toelichting van A&R manager Peter Ganbarg en het script, bedenkt het duo een rap waar het plot wordt uitgelegd en dat is meteen de reden dat er een enorme fout in de tekst zit waar twee karakters door elkaar worden gehaald.  Het levert veel kritiek op van de fans van de comic, maar dat boeit niemand want negatieve publiciteit… Ach, je weet wel.

Gouden ei Vanilla Ice verpest het

De leadsingle voor het duo is een grote overwinning voor het kleine SBK, omdat op de soundtrack met de grote hit van het duo de grote naam MC Hammer van collega-label en reus Capitol Records(EMI) op de achtergrond verdwijnt.  Een prestatie op zich, want  MC Hammer is dan de huidige graadmeter voor alles wat populair is. En nu even een keer niet. De PR-machine van SBK draait overuren.

Er moet een video komen, interviews, optredens, media-aandacht, het duo weet niet van hen overkomt. Ondanks dat ze nul inspraak hebben, met name in de video, heeft het duo in deze positie wel een prima uitgangspositie voor verder succes. Maar helaas, daar komt dan net Vanilla Ice binnenlopen. De gedroomde tegenhanger van Hammer zorgt voor nog veel meer drukte bij het label, alle campagnes worden in sneltreinvaart op het gouden ei Vanilla gericht.

Het eindigt met een film

Ondanks op het tweede plan, komt die hype voor het duo wellicht mooi uit, zo kunnen ze weer op een soundtrack terechtkomen. Ja, maar de samenwerking met Deborah Cole op “Love to love you’ verdwijnt op de soundtrack van het ultra-slechte  ‘Cool as Ice’ van Vanilla die hiermee zijn populariteit ziet verdwijnen. Daarom ervaart ook de andere helft van het duo, Keymaster Snow (James Alpern), al snel dat het bij ‘Turtle Power’ zal blijven.

Hij krijgt gelijk, ze verdwijnen definitief uit het zicht met de toepasselijke opvolger ‘Undercover’. Hiermee komt voor zowel het duo maar ook Vanilla, wederom de ongeschreven regel uit dat in de muziekwereld een  carrière van een gehypet artiest regelmatig eindigt met een film. En voor beiden met die ene iconische hit.  Met echte ‘Turtle power’ waren Richard en James wellicht wat langer blijven hangen in de muziekwereld.

 

Succesformule van hart en gezicht: Culture Beat

Zo’n 24 jaar geleden was het Duitse Culture Beat een van de grootheden van de Eurodance.  De dj in onze vaste uitgaansgelegenheid heeft in de 90’s ons wekelijke verzoek ‘Got to get it’ (met een videoclip opgenomen in het mooie Faro) van Jay en Tania standaard op zijn draaitafel liggen.  Deze  hitmachine wordt uiteindelijk door vele aanpassingen qua muziekstijl en internationale podiumbezetting zeer populair, maar ziet het succes ook weer net zo snel verdwijnen. Vooral als de succesformule  zijn belangrijkste ingrediënten verliest.

Culture Beat doet het licht uit

Eurodance hoort net zo bij de 90’s als de Flippo. Een mooie en muzikale periode, maar prestaties in het verleden bieden geen garantie voor de toekomst. Het symbolische einde van de (populariteit van)  Eurodance vind ik dan ook ‘Inside out’ van datzelfde Culture Beat. Het is immers het afscheid van een van de eerste en meest succesvolle Eurodance-acts in de top 40. Die succesboog groeit vanaf 1989 gestaag met als absolute succespiek een nummer 1 voor ‘Mr Vain’ in 1993.

Geheel in stijl van het nummer, is dan ‘Anythingmogelijk. Zowel verder omhoog als omlaag. Het is het tweede scenario. Zo verlaat de act amper anderhalf jaar later met ‘Inside out’  in een omgekeerde wereld op 23 december 1995 voorgoed de top 40. Bescheiden, via de achterdeur, vanaf plaats 40. Het is in Nederland over en met hen glijdt daarna de Eurodance in zijn geheel verder uit het zicht.

Torsten Fenslau sleutelt aan succesconcept

Even een rewind. Bijna zes jaar eerder, in het net begonnen 1990, is Culture Beat er vroeg bij. De act dat dan (net als soortgelijke acts) nog niet die succesformule heeft gevonden,  bereikt in dat jaar wel al de top 40 met  de kleine hit ‘I like you’ en is met o.a 2 Brothers On the 4th Floor en Twenty 4 Seven een van de eerste (aankomende) Eurodance-acts in de top 40.

Grondlegger Torsten Fenslau, een bekende dj uit Duitsland, heeft dan ook het afgelopen jaar al flink gesleuteld aan zijn act. Zo heeft hij Culture Beat omgevormd van  een producersproject (naast Torsten bestaat de oerversie van de act uit Jens Zimmermann en Peter Zweier),  naar een podiumact.  De teksten worden Engels en de ambient muziekstijl verdwijnt. Ook past hij achteraf gezien al heel vroeg het basisconcept van een Eurodance act toe.

Jay en Tania

Na de clubhit ‘Der Erdbeermund’. krijgt originele vocalist Jo van Nelsen zijn congé en gaat Torsten op zoek naar een rapper en een zangeres. Hij ontmoet oud-militair Jeff ‘Jay Supreme’ Carmichael, op een van zijn draaiavonden en die blijkt dat rappen nogal goed onder de knie te hebben. Jay zal later uitgroeien tot het gezicht van de act, vooral omdat hij het langst bij de act blijft terwijl de zangeressen nogal wisselen.

Want eerst is er  een kort aanloopje met de (ietwat houterige dansende) Amerikaanse Lana Earl en de hit  ‘No deeper meaning'( ze zijn nog bij Countdown als Alarmschijf). Kort daarna begint met  nieuwe Britse zangeres Tania Evans het pas echt te lopen, de combi Jay en Tania is die gewenste succesformule.  Inmiddels op en top Eurodance, is  de tweede cd ‘Serenity’ een schot in de roos.  Met de wereldhit ‘Mr Vain’ (die Torsten volgens de mythe over zichzelf heeft geschreven) , is na vier jaar sleutelen de piek van de act bereikt. Maar na pieken komen altijd dalen.  En een enorm dal is meteen funest voor het verdere succes.

Hart en gezicht

Want op 8 november 1993 komt Torsten om bij een auto-ongeluk. Niet geheel toevallig, loopt het succes met het wegvallen van de grondlegger daarna  geleidelijk  terug. Een factor is dat Torsten’s succesformule en muzikale koers door opvolger en broer Frank wordt aangepast als de Eurodance op zijn retour is, met tegengesteld effect.De definitieve nekslag is het bijna gelijktijdige vertrek van Tania en Jay in 1997. Daarmee verliest de act naast het hart ook het gezicht.

De Jay van Culture Beat (dus niet deze collega) woont na wat muzikale omzwervingen weer in New Yersey en Tania treedt nog steeds op.  De act bestaat hedendaags nog steeds, maar huidige zangeres Jackie Sangster en rapper MC4T zingen op 90’s feestjes gewoon de grootste hits mee. Niets nieuws dus, meezingen met Jay en Tania op de muziek van Torsten deed ik al in de jaren ’90.

 

Vijf keer Candyman roepen is meer dan voldoende

In de cultfilm ‘Candymanuit 1992 speelt een boogieman met een haak de hoofdrol. Meer staat me er niet van BIJ. Zo, daar was de flauwe woordspeling voor de kenners van de film, waarin het in tegenstelling tot zijn vele horror-collega’s juist wel van jouw kant moet komen.  Anders is Candyman  in die tijd nergens te vinden.

Die moeite wil Helen Lyle (Virginia Madsen) in de film wel doen en ze roept netjes volgens het boekje  vijf keer zijn naam.  Het lukt en hij verschijnt, en dat is niet zo’n slimme actie.  Blijft film, na de opnames lachen ze er om.  En wij ook. Ach, eens kijken of het in het echt ook lukt.

Candyman…. Candyman…Ca…

Wacht even, wat? Jaah, dat is ook de naam van die rapper met  ‘Knocking boots’. En nee, nooit lid van N.W.A. geweest.  Kort samengevat: deze illustere groep zet eind jaren 80’s de westkust rap op de kaart, met  Dr Dre en Ice Cube in de gelederen. Nee, niet met Candyman. Echt niet.

Oh, die albumfoto. Hij komt  per ongeluk helemaal vooraan op de cover van N.W.A’s debuutalbum ‘N.W.A. and Posse’ terecht. Dat is in een tijd dat de scheiding tussen N.W.A. en de Posse nog wat vaag is.  Daarom wordt de photoshoot een ietwat amateuristische aangelegenheid, het overzicht ontbreekt een beetje, zeg maar.

Er cirkelen namelijk nog veel vrienden en kennissen om de groep heen, waaronder Candyman. Hij is in de 80’s zeer goed bevriend met Dj Scratch die weer bevriend is met later kernlid Eazy-E.  Doordat Candyman een lift krijgt van Scratch naar de shoot, komt hij op de foto terecht. En zo staan Dr Dre, Eazy-E en Ice Cube zij aan zij met…

Candyman… Candyman…

Ja, die. Die naam is er eigenlijk pas later, tijdens de photoshoot kennen de meesten hem als Candell Manson. En echt leuk vinden ze niet dat Candell zich na die foto profileert als lid van de groep. Is ook publiciteit, want in ieder geval kennen ze zijn naam nu wel in het wereldje en dat zorgt er weer voor dat  Tone Loc hem op sleeptouw neemt.

Is dat niet…

Ja, Tone Loc heeft zijn moment of fame in 1989, en Candyman wordt zijn homeboy met zeker wat talent op het podium. Producer en oud-klasgenoot Johnny ‘J.’ Jackson die later beroemd wordt met  zijn werk voor Tupac en in 2008 heel jong overlijdt, ziet dat ook. Zo  draaien de rollen om en introduceert Tone een jaar later juist zijn voormalige rechterhand op de single ‘Knocking boots ‘ als…

…Candyman!

Hé, er gebeurt niets. Nee, of zijn naam nou vijf (of in deze tekst bijvoorbeeld twaalf) keer wordt geroepen, het heeft geen zin. Candell is hiermee een beetje de anti-Candyman, hij verdwijnt juist als zijn naam veel wordt geroepen. Net als Tone Loc wordt hij namelijk door zijn eigen rapwereld als soft en te commercieel gezien. Tone kiest na zijn korte succes bewust voor een vertrek uit de muziekwereld en wordt (stem) acteur. Candyman gaat nog even verder, probeert het nog met een aantal albums, maar hij is net als die opvolger van die ene hit al een voetnootje.

Hoewel? Candyman maakt een aantal jaar geleden zijn opwachting op  ‘Where are they now?’ van Nas. Als je  mag meerappen met deze rapper over wat je nu aan het doen bent, dan ben je misschien relevanter in de muziekwereld geweest, dan het op het eerste oog lijkt. Alleen zie je het niet.

‘So it literally has to be planned ahead by two years and that’s a hard thing to do’

Aldus Chris Cornell in een van zijn laatste interviews. Het gaat over die voortdurende roep om nieuw werk van Temple of The Dog. Chris hint naar mogelijk nieuw werk van het illustere project, maar eerst is er  SoundGarden en Pearl Jam.  ‘So it literally has to be planned ahead by two years and that’s a hard thing to do’.  Ach, er is tijd genoeg.

The promise

Beloften kan hij niet maken, wel toezeggingen. Zo hij heeft net de soundtrack afgerond van de film ‘The promise’, een film over de Armeense genocide. Chris werkt mee aan de film omdat hij wordt gevraagd door vriend en producer Eric Esrailian. Maar hoewel je zal denken dat het omgekeerd is, is het in werkelijkheid juist Chris die zijn medewerking niet durft aan te bieden omdat hij bang is dat het de vriendschap zal schaden. Hij is zelfs blij als hij door Eric wordt gevraagd.

Temple of the Dog

Als een grootheid in de muziek met daarom natuurlijk ontelbare vrienden die hij wellicht niet eens kent,  is juist echte vriendschap belangrijk voor Chris. Het is in 1990 bijvoorbeeld de trigger om het project Temple of the Dog op te starten.  Als zijn vriend Andrew Wood ( Mother Love Bone) aan een overdosis overlijdt, heeft Chris het erg moeilijk mee en schrijft hij het van zich af, waaronder door het nummer ‘Say hello 2 heaven’.

Met leden van de Soundgarden en het latere Pearl Jam (waaronder bijdrages van Eddie Vedder op ‘Hunger strike’ als hij juist op weg is naar de auditie voor het latere Pearl Jam), neemt het eenmalige project in twee weken een album op. Daarna valt het weer uit elkaar. Vooral omdat Chris het uitbrengen van singles niet kies vindt naar de nabestaanden van Andrew.

Alsnog Andrew’s legacy

Maar het werk wordt alsnog de legacy van Andrew.  De cd heeft al een hele laag stof in de platenbak als het pas in 1992 ook van waarde wordt geschat door de platenmaatschappij. Logischerwijs komt dat omdat Soundgarden met Chris en inmiddels Eddie’s Pearl Jam vaandeldragers van de Grunge zijn en Temple of The Dog de fundering is voor beide bands die Seattle op de kaart zetten.

Zo veroorzaakt  Andrew’s overlijden een sneeuwbaleffect in de muziekstad. Dat is met name vorig jaar duidelijk te merken, als met een reünie 25 jaar Temple of the Dog wordt gevierd, terwijl het in werkelijkheid een project is dat nog niet eens een maand heeft bestaan. Temple of the Dog is daarom zo’n zeldzame band dat met een te kort bestaan, maximale impact heeft gemaakt.  Net als Andrew. Net als Chris zelf. Say Hello 2 Heaven, man.

Eeuwige studenten: Hermes House Band

Eens in de zoveel tijd heb je zo’n nummer 1 in de hitlijsten waarvan het publiek niet genoeg lijkt te krijgen, als je de samenstelling van de hitlijsten maar voor lief neemt. Zo’n enorme rij weken op 1 is dan hitmatig gezien historisch, maar net zo opmerkelijk zijn de platen die het voor elkaar krijgen om zo’n vastgelijmde plaat juist van de nummer 1 te krijgen.

Eeuwige studentenband

Zo wordt er in 1994 een einde gemaakt aan het droomsucces van Marco op 1 door het eeuwige studentencollectief Hermes House Band.  Eeuwige student is hier niet negatief bedoeld, het is meer een concept. Want de act vindt haar oorsprong in  studentensociëteit Hermes. maar  bestaat in 1994 al bijna twaalf jaar, net als hun versie van het oude Gloria Gaynor nummer. De studentenband scoort die enorme hit met ‘I will survive’ dan ook met een compleet nieuwe generatie, inclusief zangeres Judith Ansems als boegbeeld.

Waterboys

Dat de band zoveel wisselt van bezetting, heeft simpelweg te maken met een nieuw leven en nieuwe baan na de studie in combi met de voortdurende optredens. De band maakt van een nood een deugd:  kort na het ontstaan voert men al  ‘het Waterboys-systeem’ in. Einde studie is einde band. Hoewel, door het enorme succes van ‘I will survice’  ontstaat de internationale versie van de band, HHB International.

Ook daar is de eerste jaren de zangeres (de dan inmiddels oud-student) Judith Ansems.  Ze is na haar studie  en die ene grote hit uitgegroeid tot een vast gezicht bij de toenmalige belspelletjes op tv,  maar heeft daarnaast veel succes met de band. Hedendaags spelen oud-leden Sally Flissinger en Job Wijlacker in deze versie van HHB. Judith zelf stopt  in 2001 met de band en kiest voor meer anonimiteit en een gezinsleven, maar zo nu en dan zingt ze  ‘I will survive’ nog wel eens.

Te populair

Dat wordt een echte grote hit als de tweede generatie begin ’90’s zich profileert op grote podia en op tv(Hitbingo) en daarnaast de onderhand vijfde  cd ‘Thuis’ uitbrengt. Bijzonder populair in het studentencircuit, begint de vraag steeds groter te worden naar het recente werk.  Hierop wordt door o.a. oud-bassist Eugene Lont  het label Xplo Music opgericht en via distributeur Arcade en promotor Willem Van Schijndel (ook Deurzakker) maakt de single een opmars en doorbreekt het voor even de hegemonie van Marco.

Eeuwige jeugd

De coverversie van ‘I will survive’ van een band met al decennia lang studenten in de gelederen, wordt uiteindelijk een eendagsvlieg  met zelf een eeuwige jeugd. Het huisnummer van de huisband groeit uit tot een (feest) klassieker en lijkt alles te overleven. Hedendaags galmt ‘I will survive’ nog steeds door de stationsspeakers van  De Kuip. En zo gek is het niet dat de Rotterdamse Hermes House Band en Feyenoord sterk met elkaar verbonden zijn. Naast de plaatselijke verbondenheid  staat het nummer zelf immers voor passie. En of het nou voor een band twaalf jaar of voor een club zelfs achttien jaar duurt, ooit levert dat het grote muzikale of sportieve  succes op.

Robert Miles: ‘I realized that my feelings had been conveyed through my music’

Soms zijn de verhalen achter platen net zo mooi als de plaat zelf.  Want muziek is een drive. Muziek is een uiting. Zo ook al van jongs af aan bij de relatief onbekende dj Roberto Consina, later veel bekender als Robert Miles.

Muziek is ook inspiratie

Maar nog als Roberto,  bouwt hij begin 90’s  zijn eigen studio in Fagana, Italië. Zijn vader is net op vredesmissie geweest in het nu ex-joegoslavië. Die simpele benaming voor een huidig aantal onafhankelijke landen,  geeft meteen aan hoe vernietigend deze laatste oorlog op Europees continent is geweest. Zijn vader heeft vele foto’s gemaakt en als Robert de foto’s ziet van onschuldige kinderen in een machteloze en vreselijke situatie, voelt hij dat hij er iets mee moet doen.

Muziek vertelt een verhaal

Als hij terugkomt van een lokale dj-set begint hij meteen te werken aan het nummer dat uiteindelijk zijn doorbraak zal worden. Het instrumentale nummer vertelt het verhaal van de oorlog en de piano neemt de luisteraar bij de hand. Het nummer is bij mij vanaf het eerste moment dat ik het hoorde blijven hangen. Het brak naar mijn gevoel met vele toenmalige standaarden in muziek,  het loopt al meteen  voor op wat de komende jaren komen gaat.  Maar iets nieuws bekent ook uittesten.

Muziek is een medicijn

In Italië speelt Roberto het nummer voor het eerst als begin van zijn dj set nadat zijn voorganger met een stampende beats net zijn draaitafel heeft verlaten. De overgang is groot, maar Roberto’s verbazing is groter als het nummer, eenmaal op gang, volledig wordt opgepakt door het publiek.  Zoals hij zelf zegt in hetzelfde artikel: ‘I realized that my feelings had been conveyed through my music’. Zijn muziek doet iets met zijn publiek.

Een half jaar later,  in de hele wereld inmiddels bekend als Robert Miles, gebruikt de  de dj  het nummer als afsluiting van zijn set. Niet alleen als toegift, maar ook als een soort ‘cooling down’ zodat het publiek weer rustig achter het stuur gaat zitten. Het beste bewijs dat  het hem gaat om het publiek en niet om Robert(o) de popster.

Muziek spreekt

Na zijn grote succes met ‘Childeren’ en het debuutalbum, staat hij alleen als silhouet op  nieuwe album ’23 am’. In een van de weinige interviews in die periode gaat hij daar op in. “There is one thing that I really don’t like – which is that people think that I always wanted to be a pop star, or that I love being a pop star, which is absolutely not true. I really don’t want to play the pop star system – I don’t feel myself as a pop star or think of myself in a commercial way.’

Roberto is wars van de popcultuur, en ook als Robert kiest hij verder voor de achtergrond en is hij niet dol op foto’s te staan, weer een optreden bij allerlei Top of the Pops-achtige programma’s.  De muziek spreekt,  ook als  het geen tekst heeft.  Gisteren overleed Robert Miles op 47-jarige leeftijd na langer ziek te zijn geweest en na het vernemen van dat bericht, wordt door  iedereen dat ene nummer genoemd. Robert heeft zijn muziek laten spreken, dat is zijn grootste legacy.